Hier in de woonkamer staat een platenspeler. Mijn huisgenoot heeft die meegebracht toen we hier introkken. Het toestel is veertig jaar oud en deed tot voor kort enkel dienst als versiering. We hadden geen lp’s, behalve één van Elton John en die konden we niet eens draaien want de naald was afgebroken. Omdat hij toch zo’n dankbaar gespreksonderwerp bleek wanneer er iemand op bezoek kwam, mocht de platenspeler op zijn centrale plaats blijven staan.
Vorige week heb ik een reservenaald gekocht op eBay, bij een man uit Berlijn. Achter op de verpakking kleefde nog een etiket: in een ver verleden had de naald zesentwintig Duitse mark gekost. Zelfs na tientallen indexaanpassingen en de invoering van de euro die het leven zo schandalig veel duurder heeft gemaakt, was er aan die prijs niets veranderd.
Vier schamele platen
Omdat alleen maar Elton John na een paar dagen toch enigszins gaat vervelen, ging ik op zoek naar mijn lievelingsalbums. Ik vond Berlin van Lou Reed, de mooiste van The Smiths en het debuut van Beirut, die Amerikaanse stadsjongen die melancholische deuntjes speelt waarvan hij zelf hoopt dat ze wat weghebben van Europese zigeunermuziek. Drie platen waarvan ik zeker wist dat ze nergens beter zouden klinken dan op een krakkemikkige platenspeler uit de jaren zeventig.
Thuis spreidde ik de magere oogst voor mij uit, bestudeerde elke hoes minutenlang en liet het zware vinyl voorzichtig door mijn handen gaan. Dat deed ik zo zorgvuldig dat ik mij met een schok herinnerde hoe het voelde om vijftien te zijn en wekenlang uit te kijken naar een nieuwe cd.
Na jarenlang te hebben geleefd in een wereld waar alle muziek gratis beschikbaar is, waar ik dagen aan een stuk naar mijn iPod kan luisteren zonder twee keer hetzelfde nummer te horen en waar geen enkele cd in de auto nog in zijn juiste doosje zit, moet ik mezelf opeens weer behelpen met vier schamele platen. Het zijn de allermooiste platen, want ze zijn van mij alleen en de schaarste zorgt ervoor dat alles in waarde stijgt.
Verkiezingsmoe
Ik weet dat het typisch is voor mannen die niet oud willen worden – lees gerust High Fidelity van Nick Hornby om te begrijpen wat ik bedoel –, maar ik greep de kans met beide handen om weg te vluchten naar een wereld voor mij alleen. Eindelijk kan ik weer verdwijnen tussen de vier muren van mijn platenhoezen, ver weg van het verkiezingsnieuws waarmee kranten en televisie mij om de oren slaan.
Ik heb een bunker opgetrokken waar ik niet langer hoef te zien hoe politici zich als een aswolk over twitter verspreiden, in de hoop om de hippe kiezer voor zich te winnen. Ik kan er heel even vergeten dat ik waarschijnlijk als enige op deze opiniepagina’s nog niet door een partijvoorzitter ben gecontacteerd – en dat dat eerlijk gezegd toch een beetje kwetst. Ik vraag mij niet langer af of mijn traditionele stem nu bijdraagt aan een oplossing of net het politieke landschap nog meer polariseert, laat staan of ik nu ook één van die intellectuelen ben die de democratie de rug hebben toegekeerd. Neen, hierbinnen ben ik opnieuw vijftien, verkiezingen zijn voor mij van geen tel.
Nog drieëndertig dagen, daarna kan ik mijn nieuwsvrije bubbel weer verlaten. Om een paar nieuwe platen te kopen, want dan moeten de formatiegesprekken nog beginnen. God, dit wordt een lange zomer.
@Allen: uw reactie is welkom als u zich houdt aan de regels voor deelname aan onze discussieforums - mod






12/05/2010 om 10:39
U vergist zich: U moet de partijvoorzitter kontakteren en daarna afspreken te zeggen dat de partijvoorzitter U heeft gekontakteerd. (dichter bij een tweet zal ik nooit raken)
12/05/2010 om 16:04
De mooiste,…, ik mag toch hopen dat we dezelfde plaat voor hebben?
13/05/2010 om 23:49
Zie, hier nog een stier die rood verblind aanloopt bij het aanschouwen van de woorden “The Smiths” en luid brullend de rest slechts in een waas ontwaart. De mooiste is voor mij de blauwe, de holle, maar dat is subjectief, want mijn lief verstopte die ooit als een gift onder het kussen. “How soon is now?”, brieste ik en ze haakte speels haar beehaa los. Wat ze toen in mijn oor fluisterde… ‘Caligula would have blushed’.