Weblog San F. Yezerskiy

De toestand is ongewijzigd

07 / 12 / 2010

 
Het voelt echt als winter nu, niet door de sneeuw, maar door het kraampje van Amnesty International dat ik trede voor trede zie verschijnen wanneer ik de trappen van Brussel Centraal oploop. Het is december, de maand waarin wij iets meer met elkaar inzitten dan gewoonlijk, en een oude mevrouw verkoopt de kaarsen met prikkeldraadtekening die ik nog ken van vroeger.

Een blauwe kaars

Ik blijf staan en denk aan het meisje dat ik toen kende en dat zo graag de wereld wilde veranderen. Zij woonde door de week in een kraakpand en in het weekend nog thuis, maar op een dag stond ze bij mij voor de deur en ze besloot om een tijdje te blijven. Om indruk te maken op haar familie ging ik mee naar een kerstmarkt voor goede doelen, waar haar zus kaarsen verkocht voor Amnesty International. Ik kocht er een blauwe kaars met prikkeldraadtekening. Het meisje ging snel weer weg, maar de kaars is zeven jaar later nog steeds niet volledig opgebrand.

Het is half negen in de stationshal, ik sta nog steeds stil en ik denk aan het meisje en die kaars. Ik koop er nog twee, een rode en een witte, en loop verder.

Buiten ploeter ik door de grijze drab die de voorbije nacht nog een schilderachtig tapijt moet zijn geweest. Ik passeerde dezelfde daklozen waarover ik op deze website vorig jaar al schreef. De winter is gekomen en gegaan, maar er is niets veranderd.

Broodmandje

Het voelt echt als winter nu. Binnen is het te koud en buiten vervelend. Studenten met ratelende trolleys glijden uit terwijl ze de straat oversteken. Op de uitrit van een parking rijdt een auto zich vast. De chauffeur vraagt door het raampje aan enkele omstaanders of ze willen helpen duwen. Samen met een tweede man schuif ik de wagen moeiteloos weer vrij. Aan de overkant gooit een cafébazin vanuit een emmer vuisten vol roze strooizout op de stoep voor haar zaak. De woede op haar gezicht doet mij geloven dat zij de natuurelementen op haar eentje kan verslaan.

Het gaat toch harder sneeuwen. Ik ga uit eten omdat de winkels onbereikbaar zijn en omdat ook míjn auto met een lege batterij aan de kant staat. Ik bestel pasta en luister hoe naast mij twee Amerikaanse studenten praten over wetenschappelijke proeven met elektriciteit. Aan de andere kant bestellen jonge ouders het ene Bolleke na het andere, terwijl hun dochter een tekening maakt.

De dochter gooit een broodmandje op de grond. Even lijkt het alsof er iets gebeurt, maar dat is maar schijn.

Ego’s op ramkoers

Wanneer ik opsta wordt er op televisie rond de pot gedraaid over daklozen en asielzoekers. Politici schreeuwen als kleuters door elkaar heen en De Vadder en Leterme sturen hun ego’s op ramkoers op elkaar af. Scherven van woorden vliegen in het rond, maar ondertussen verandert er niets en er is zelfs niet meer de hoop dat na de winter alles beter zal worden.

Ze zeggen dat het reinigt, zo’n deken van sneeuw dat eenmaal per jaar de aarde bedekt en wegspoelt wat de voorbije seizoenen hebben achtergelaten. Ze zeggen zoveel.

Martin Bril

Dit jaar is voorbij. Ik heb nieuw werk gevonden, een nieuwe vriendin en een nieuw huis van waaruit ik deze stukjes zal blijven schrijven over de dingen die lijken te gebeuren. Hoe verwoordde Martin Bril dat ook weer, wat hij bedacht elke keer hij de krant dichtvouwde?

“Er is weer van alles gebeurd in de wereld, maar in grote lijnen is de toestand toch nog ongewijzigd. Zo beginnen de meeste dagen.”

En zo is het maar net.

@Allen: reageren op deze blog impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums; lees ze dus - mod

www.soren.be

Plaats een antwoord op het bericht