Ik moet toegeven dat ik ze het grootste deel van de tijd gewoon aan mij laat voorbijgaan, de columns die ex-triatleet Luc Van Lierde wekelijks schrijft voor Het Nieuwsblad West-Vlaanderen. Afgelopen vrijdag viel er echter niet naast te lezen hoe de Iron Man zijn verontwaardiging uitspuwde over de verkoop van twee Belgische kerncentrales – en het grondgebied waarop zij zijn neergepoot – aan Frankrijk. De energie die in deze nieuwe Franse enclaves wordt opgewekt, zou de regering gewoon terugkopen van onze zuiderburen. Een onbegrijpelijke beslissing van premier Leterme, vond Van Lierde. “Wie kan het zo gek bedenken?”
Het antwoord op die vraag lag iets dichter binnen handbereik dan de sportman bevroedde. Het bericht over deze wel heel inventieve begrotingstruc had hij immers gelezen op De Rechtzetting, een satirische website die kritiek levert op de actualiteit door recente gebeurtenissen uit te vergroten en te ridiculiseren in artikels zo professioneel geschreven dat men bijna zou gaan vermoeden dat gefrustreerde vakjournalisten een eigen guerrillabeweging hebben opgestart.
Nu goed, Van Lierde heeft een ontzettend domme fout gemaakt, maar ik wil bij die kleine faux pas ook niet te lang blijven stilstaan. Het is niet altijd even fijn om als gelegenheidscolumnist ’s avonds, na de reguliere dagtaak, nog te moeten beginnen aan een stukje waarin je telkens opnieuw dezelfde onderwerpen van commentaar voorziet. De zeldzame keren dat je dan nog eens écht diepe verontwaardiging voelt, in plaats van die kunstmatig te moeten opwekken, kan je in de euforie al eens over het hoofd zien om te controleren of hetgene waar je je zo druk over maakt ook echt is gebeurd.
Iedereen weet intussen dat we ons in een tijdperk bevinden waarin redacties geen tijd of middelen meer krijgen om nog alle feiten in hun artikels te dubbelchecken. Dat is de afgelopen week nog een paar keer treffend duidelijk geworden: niemand bij Het Nieuwsblad heeft zich vragen gesteld bij het curieuze onderwerp waarover Van Lierde wou schrijven, bijvoorbeeld, en een interview dat Humo had overgekocht van de Nederlandse VPRO-gids bleek achteraf van A tot Z door de journalist verzonnen. De affaire werd er niet minder gênant op toen Humo-hoofdredacteur Sam De Graeve gisteren opmerkte dat er geen rectificatie zou komen en dat er aan de zaak al “overdreven veel aandacht” was besteed.
En dan kunnen wij dat allemaal schandalig vinden, maar dat neemt niet weg dat vandaag meer dan ooit ook de lézer verantwoordelijk is om kritisch om te gaan met wat hij geschreven ziet. Emotioneel reageren op het nieuws mag, neen, moét zelfs, maar onmiddellijk daarna moet hij ook in staat zijn om niet zomaar aan te nemen wat er staat, om op zoek te gaan naar meer informatie en vooral: om satire te herkennen wanneer hij er voorgeschoteld krijgt, ook al is dat niet altijd met gigantische neonletters aangegeven.
Vooral dat laatste, ja, want satire is het mooiste literaire genre dat er bestaat. Het artikel van De Rechtzetting waarmee het hier allemaal begon, slaagt erin om op nauwelijks een halve pagina zowel de ridicule compromissen aan te klagen van een Belgische regering die al drie jaar lang geen volwaardige beslissing meer durft te nemen, als de manier waarop GDF Suez meer te zeggen heeft over het energiebeleid dan minister Paul Magnette, als de manier waarop deze regering van lopende zaken steeds slordiger buiten de lijntjes van de legitimiteit kleurt. Om al deze problemen even doeltreffend aan te kaarten in een opiniestuk, heeft een columnist minstens drie weken nodig.
We hebben nog heel wat werk, Luc, jij en ik.
www.soren.be





